Dijkwerker aan het woord: Wilco

24 juni 2021|Anniek Nederpel

Tijdens de Week voor de Dijkwerker laten we een drietal dijkwerkers aan het woord over dijkwerk bij Ploegam, waterveiligheid in Nederland en hun eigen ervaring als dijkwerker. Vandaag vertelt machinist Wilco Bomhof wat hij zo mooi vindt aan zijn vak. 

 

"Ik sta nu met mijn Doosan DX300 op het werk aan de Essche Stroom. Hier zijn we een dijk aan het bouwen. We hebben eerst de kern gemaakt. Vervolgens hebben we de hele dijk ingepakt met bevergaas, want anders knagen bevers de dijk kapot. Nu breng ik klei aan – er gaat een halve meter klei op deze dijk – en als laatste brengen we teelaarde aan. Dan zit mijn werk er weer op."

Gewoon knallen

"Ik vind dijkwerk vooral mooi als er voldoende afwisseling is. Dat hadden we bijvoorbeeld bij mijn vorige klus in het centrum van Wanssum, een van mijn leukste projecten. De ene dag was je riool aan het leggen, dan weer dijken aan het bouwen. We hadden er een kleine club en de sfeer was goed. Iedereen stond er hetzelfde in: we wilden gewoon knallen. Dat werk had van mij nog wel tien jaar mogen duren, met zo’n topteam."

 

Geluk met de klei

"Dijken maken is niet zomaar dom scheppen, je moet wel weten wat je doet. En de kwaliteit van de klei is belangrijk. Hier in Esch hebben we echt geluk met de klei: het is niet te nat. Als dat wel zo is, moet de klei eerst drogen voor je ermee kunt werken. Dat is per locatie zo verschillend. Hier hebben we mooie klei en kunnen we de verdichting goed halen. Dat is belangrijk voor een veilige dijk."

Het oog wil ook wat

"Ik ben trots als ik een mooie strakke dijk kan afleveren en het er netjes uitziet. Ik heb er een hekel aan om iets te moeten afraffelen, dat het er niet uitziet aan het einde van de dag. Het oog wil toch ook wat? Zo ben ik het meest trots op de dijken in het centrum van Wanssum: dat zijn mooie hoge dijken geworden, een beetje straatwerk eronder, en dan die prachtige haven erbij. Echt een totaalplaatje: dan is het af."

  Schrijf u in voor onze nieuwsbrief